Ze staat op de rand van wat nog moet verschijnen,
half verborgen in fluwelen schaduw,
half badend in het stille licht van overgave.
Niet verstopt, niet onthuld,
maar aanwezig -
zoals een gedachte die je bijna herinnert,
of een waarheid die zachtjes achter je adem wacht.
Het gordijn beweegt,
een levende muur van karmozijn, teal en rozenhout -
alsof gevoelens in zijde zijn gevouwen,
trillend van alles wat niet wordt gezegd.
Haar jurk is een landschap van tijd en tederheid,
gestikt uit dromen en herinneringen,
vol fluisterende geheimen.
Ze poseert niet.
Ze is er gewoon -
open, onzeker, moedig.
Er hangt een stilte in haar houding,
een stille kracht,
alsof ze niet wacht om gezien te worden,
maar om werkelijk aangeraakt te worden.
Dit is niet de aanloop naar iets groots.
Dit is het moment zelf.
Wanneer het hart naar voren stapt,
zonder toestemming te vragen.
Dit werk behaalde de vierde plaats in de grote schilderwedstrijd van het tijdschrift Atelier juli / augustus 2018